Rapport Werkgroep Kleine Scholen Loppersum Oost

Op dinsdag 25 oktober was er in het gemeentehuis van Loppersum een thema-avond over de toekomst van het onderwijs in de gemeente Loppersum. De Werkgroep Kleine Scholen Loppersum Oost (waaronder de werkgroep Wilgenstee valt) presenteerde het rapport Scenario 5. De kracht van klein: het wenkend alternatief. Het rapport is een reactie op het Integraal Huisvestingsplan (IHP) van de gemeente Loppersum. Scenario 5 verwerpt op inhoudelijke gronden de aannames en de conclusies van het IHP en komt met een onderbouwd alternatief: Scenario5_kracht_van_klein.pdf . Hieronder is de samenvatting uit het rapport weergegeven;

Dit rapport is geschreven door ruim veertig betrokken ouders uit Eenum, Leermens, Oosterwijtwerd, Westeremden, ’t Zandt en Zeerijp.

Zij vertegenwoordigen de dorpen in de volle breedte. De achterbannen zijn georganiseerd via informatie-avonden, enquêtes, handtekeningenacties, inspreken bij de gemeente en convenanten. Veel van de ouders die aan Scenario 5 hebben meegedacht en –geschreven zijn geschoold in voor dit rapport relevante vakgebieden. Aan dit rapport hebben accountants, statistici, demografen, organisatiekundigen, inkopers, bouwkundigen, architecten, auteurs, communicatiedeskundigen, ondernemers en onderwijskundigen meegewerkt. Hun kennis hebben zij gratis en voor niets ingebracht. Het voorliggende rapport is het resultaat van hun gebundelde kennis en inspanning. Het rapport is voortgekomen uit betrokkenheid met onze kinderen, de dorpsscholen en de dorpen. Over onze hoofden heen werden we geconfronteerd met het Integraal Huisvestingsplan (IHP) met vier scenario’s waarin geen toekomst meer is voor de plattelandsschool in Loppersum. Als direct belanghebbenden zijn wij niet gehoord, terwijl de gevolgen voor onze kinderen en dorpen groot zijn. Maar de Lopster onderwijswethouder Hartman bood een opening. “Verzin een list”, daagde ze uit. “Verzin scenario 5.” Hebben we gedaan.

Scenario 5 toont aan dat de aannames waarop het IHP is gebaseerd niet valide zijn. Het IHP beweert: sterk dalende leerlingaantallen door krimp, te dure kleine scholen en problemen met de onderwijskwaliteit. Op de aannames is veel af te dingen:

Over krimp
  1. De krimpcijfers uit het IHP zijn aannames en niet te controleren. Uit de wetenschappelijk onderbouwde krimpcijfers van ons rapport blijkt een krimpprognose van 6 procent in plaats van de 29 procent uit het IHP.
  2. Een analyse van vertrek- en vestigingsmotieven in de gemeente Loppersum laat zien dat goede voorzieningen voor het basisonderwijs van levensbelang zijn. De gemeente Loppersum is nu aantrekkelijk voor jonge gezinnen. Het huidige, kleine vertrekoverschot wordt veroorzaakt door 18-21-jarigen die elders gaan studeren.
  3. Uit alternatieve leerlingenprognoses blijkt dat de daling van het aantal leerlingen tot 2025 bescheiden is en kleinschalig basisonderwijs in de kernen mogelijk blijft.

Over leefbaarheid

  1. (Internationaal) onderzoek toont onomstreden aan dat basisscholen de belangrijkste kern van leefbaarheid in kleine dorpen vormen. Het weghalen van scholen stimuleert krimp, het behouden van scholen gaat krimp tegen.

Over financiën

  1. De schaalvergrotingsplannen uit het IHP zijn financieel gunstiger voorgesteld dan uit ons onderzoek blijkt.
  2. Investeren in kindvoorzieningen leidt voor de gemeente Loppersum tot een verhoging van de kapitaalslasten van meer dan 100.000 euro per jaar. De extra kosten, zoals afschrijvingskosten van bestaande scholen, grondverwerving en advieskosten komen hier nog bovenop.
  3. De toename van de jaarlijkse kapitaalslasten bij het wegwerken van achterstallig onderhoud is aanzienlijk lager dan de goedkoopste variant uit het IHP.
  4. Bovendien laat onderzoek op de scholen en analyse van de investeringsbedragen voor achterstallig onderhoud aan de vier scholen zien dat het rapport Vlak ons niet uit van Scholenbouwmeester de kosten hiervoor te hoog voorstelt. Het investeringsbudget kan met meer dan 200.000 euro omlaag.
  5. Marenland laat een positief resultaat zien voor huisvestingskosten (85.000 euro). Qua personeelskosten boekt de stichting een nadelig resultaat. Niet andere gebouwen, maar een ander personeelsbeleid kan tot overschotten leiden. Het hoge ziekteverzuim van tien procent is verontrustend.

Over kwaliteit

  1. Er kan geen misverstand over bestaan dat de harde opbrengsten van onderwijs centraal moeten staan, ook op kleine scholen. Maar kwaliteit betekent nog zoveel meer: ‘geborgenheid’, ‘veiligheid’, ‘betrokkenheid’ en ‘sociaal’ zijn kernwoorden die ook onderdeel uitmaken van kwaliteit en die bij uitstek op een kleine school te vinden zijn.
  2. Er is geen absoluut verband tussen onderwijskwaliteit en schoolgrootte. Er zijn goede en slechte grote scholen en er zijn goede en slechte kleine scholen. De kwaliteit van de leerkrachten is allesbepalend. De voorstanders van grote kindvoorzieningen zien over het hoofd dat ouders, kinderen en leerkrachten juist de kleinschaligheid van hun school als kwaliteit ervaren en hier bewust voor kiezen.

Hoe het wèl kan

Scenario 5 presenteert een alternatief organisatiemodel met als uitgangspunten:
  1. Behoud de voordelen van kleinschaligheid, maar maak meer gebruik van onderlinge synergie zodat schaalvoordelen kunnen worden behaald.
  2. Faciliteer het zelforganiserend vermogen van professionals: onderlinge specialisatie, peer review, collegiale feedback.
  3. Richt de organisatie zo in dat zoveel mogelijk middelen ingezet worden voor onderwijs.


Duidelijk is dat een organisatorisch samenwerkingsverband tussen onafhankelijke scholen onder één directeur de beste keuze is. Grondig onderzoek laat zien dat er vele mogelijkheden zijn om onderwijs in Westeremden, Zeerijp, ’t Zandt, Oosterwijtwerd, Leermens en Eenum te behouden. Met hogere kwaliteit en beter gebruik van gemeenschapsgeld voor leefbare dorpen. De kracht van klein is ons wenkend alternatief.